“Beste broeders, meneer Soedah-Lach, voorzitter van de VHP-Nederland, heeft een krachtige lezing over de diaspora en de komende interne verkiezingen binnen de VHP gehouden.” 
“Inderdaad, ik las het verslag daarvan in een tweetal artikelen op Sterrennieuws. Hele mooie plannen, natuurlijk voornamelijk in het belang van de VHP-diaspora in Nederland.”
“Net als velen hier, wil meneer Soedah een hoop dingen.” 
“Zoals?”
“Meneer wil de vorming van een nationale diaspora raad.”
“Prachtig, en vertelt meneer ook wie zo een raad zal oprichten, wie er allemaal in zullen komen, wat voor zeggenschap zo een raad zal hebben en wie de kosten daarvan zal dekken?”
“Nee! Verder wil die meneer diaspora instituten opgericht zien, maar daarbij kunnen dan dezelfde vragen gesteld worden over bemensing, doelen en vooral financiering.”
“Ach, daar zal meneer Soedah en de zijnen aldaar zonder poeha natuurlijk voor zorgen.”
“Verder wil meneer de diaspora-voorzitter uitbreiding van de regeling voor Personen van Surinaamse Afkomst, PSA, zodat zij makkelijker hun kennis hier kunnen komen overdragen, ondernemingen kunnen opzetten, hun jongeren van de tweede en derde generatie hier stages laten komen lopen en cultuur kunnen komen uitwisselen.”
“Prachtig, geweldig, zolang zij daarvoor willen betalen, inclusief de tickets en de verblijfkosten en het handgeld, zonder dat we gratis hier het bedje voor hen hoeven te spreiden.”
“En dan te bedenken dat bijna een honderdtal van onze eigen doktoren in opleiding geen stageplek, co-schap, kunnen vinden om hun studie af te ronden, dan gaan we stageplekken geven aan jonge buitenlanders met in de verte een soort afkomst van hier?”
“En wat wil meneer nog meer? Is hij nog niet uitgewild?”
“Hij wil een discussie over die dubbele nationaliteit en gaat zo een discussie met ons hier niet uit de weg.”
“Was hij het die ook een aparte kieskring voor z’n ‘diasporanen’ had voorgesteld, die dan stemrecht zouden moeten krijgen en een aantal zetels in DNA konden invullen?”
“Het kan. Wat een verschrikkelijk leuk, belachelijke en niet uit te voeren voorstel is dat overigens. Ons land kent nu maar één kieskring waar alleen Surinamers alhier kunnen stemmen en niet degenen in het buitenland met een andere nationaliteit die zich Surinamers noemen als het in hun raamwerk te pas komt.”
“Ik vind dat het wel te begrijpen en te waarderen is dat vooral die broeders aldaar, waar zijn de zusters overigens?, op hun oudere dag hun vrachtlading aan kennis en ervaring, maar niet zozeer hun opgespaarde euro’s, ter beschikking willen stellen aan dit, in hun ogen achtergeraakte en wegkwijnende land van hun herkomst.”
“Ja, mooi, vooral nu er een aardige som aan kapitaal zal vrijkomen als hier in 2028 de olie-exploitatie van start gaat.”
“Gaat het dan bij vele van die ‘diasporanen’ dan niet om met hun mooie woorden en plannen en zelfs met een prachtig uitgebracht boekwerk alhier een flinke hap te verdienen als consultant, adviseur, trainer, docent, begeleider van de komende oil and gas gerelateerde activiteiten?”
“Oh? Na dati den wani? Ik dacht juist dat die diasporaren een fonds alhier van bijvoorbeeld 50 miljoen euro wilden volstorten om samen met ons onze weeskinderen en jongeren uit sociaal zwakkere buurten van goede schoollokalen met bruikbare en goed onderhouden toiletten, sportaccmodaties en bewaking enzo te voorzien.”
“Klopt, ik dacht ook dat ze zoiets wilden doen zoals een andere particuliere organisatie dat al heeft gedaan met het renoveren van een lagere school in Paramaribo-Zuid.”
“Ja, want natuurlijk heeft onze altijd failliete overheid hiervoor bij lange na niet genoeg geld. Nu pas bouwt men in alle haast 100 schoollokalen die pas in december klaar zullen zijn.”
“Maar als er geen geld is om al die duizenden leerkrachten net zo een salaris als die verpleegster te geven, wat dan?”
“Dan zie ik het schooljaar in oktober niet echt en echt niet beginnen, vooral niet met dat armzielig en armzalig stel managers daar op het hoofdkantoor aan de Samuel Kafiludistraat.”
“Maar er is wel genoeg geld om failliete staatsbedrijven maandelijks miljoenen dollars aan subsidie te geven? Iets klopt hier niet.”
“En intussen blijven we een drugsdoorvoerland vanuit Columbia.”
“Oooh, wat een nieuws, wat een breaking news!”
“Ja, maar nu via een andere route: via de zuidgrens van ons binnenland, via zuid Frans-Guyana, naar de schaars bewoonde Braziliaanse deelstaat Amapá, zowat even groot als ons land en met ongeveer even veel inwoners.”
“Klopt, vandaar dat die drugshond op Zanderij laatst in die richting volgens mij, het bos inrende.” 
“En wij moeten onze schaarse inkomsten gaan besteden om deze drugscriminaliteit aan te pakken, terwijl onze jongens met verouderd spul bewapend zijn en de drugscriminelen beschikken over de modernste snelvuurwapens, drones en satelliettelefoons?”
“Daarom zeg ik: die diaspora mensen daar in het Noorden mogen mooi met hun plannetjes komen: dit willen, dat willen, dit eisen, dat eisen, maar we hebben in feite geen tijd voor hun mooie babbelplannen, die meer op het bevredigen van hun eigen belangen gericht zijn.”
“Klopt helemaal. Wil je helpen, je bent van harte welkom, stort je geld in sociale fondsen, goed zo, maar vraag ons niet om alles voor je te regelen en de rode loper voor je uit te rollen. We hebben al genoeg aan ons hoofd.”
“Zeg ik ook. Proost op dat standpunt.”
“Ja, idem.”

Rappa