De PALU maakt zich zorgen over de gevolgen van de melding van vogelgriep op een Surinaams pluimveebedrijf. Volgens de partij leven er binnen de pluimveesector nog veel vragen over de vaststelling van het virus, de herkomst van de besmetting en de aanpak door de bevoegde instanties. Intussen zou de consumptie van lokaal geteelde kip zijn afgenomen en worden pluimveehouders volgens de partij financieel geraakt.

Het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) heeft onlangs bekendgemaakt dat voor het eerst op een Surinaams pluimveebedrijf vogelgriep zou zijn geconstateerd. Het zou gaan om het Influenza A H5-virus, dat heeft geleid tot sterfte van kippen.

De bekendmaking roept volgens de PALU en personen uit de pluimveesector verschillende vragen op. Zo willen zij weten wat de oorsprong van de besmetting is, waarom de besmetting vooralsnog tot één bedrijf beperkt is gebleven en of met voldoende zekerheid is vastgesteld dat daadwerkelijk sprake is van vogelgriep.

Volgens informatie van LVV zou het vogelgriepvirus zijn geïmporteerd. De PALU wijst erop dat commercieel gekweekte slacht- en legkippen worden uitgebroed uit bevruchte eieren die worden geïmporteerd. Jaarlijks zouden ruim 10 miljoen eieren Suriname binnenkomen. Tegen deze achtergrond wordt de vraag gesteld waarom de besmetting zich tot slechts één bedrijf zou hebben beperkt en waarom het betreffende importbedrijf niet eerder te maken zou hebben gehad met massale sterfte onder pas uitgebroede kuikens.

De partij wijst er verder op dat vogelgriep zeer besmettelijk kan zijn en tot hoge sterfte onder besmet pluimvee kan leiden. Vooral jonge kuikens zouden kwetsbaar zijn. Volgens de PALU roept dit de vraag op waarom de ziekte pas werd ontdekt bij kippen die al enkele weken oud waren.

Ook over de communicatie van de autoriteiten bestaan volgens de partij vragen. Pluimveehouders moeten verhoogde sterfte en ziekteverschijnselen rapporteren aan de Veterinaire Dienst van LVV. De PALU vindt echter dat er vanuit het Bureau voor Openbare Gezondheidszorg (BOG) meer duidelijkheid moet komen over eventuele risico's voor de volksgezondheid. Volgens de partij is tot nu toe te weinig voorlichting gegeven over mogelijke gevolgen voor de mens.

Ondertussen zou de consumptie van lokaal geteelde kip sterk zijn afgenomen. Pluimveehouders worden daardoor volgens de PALU hard geraakt. Kippentelers zouden uit voorzorg ook minder kuikens hebben ingekocht. Het aangekondigde gesprek tussen LVV en vertegenwoordigers van de pluimveesector heeft volgens de partij nog niet plaatsgevonden.

Advocaat Irvin Kanhai, die tevens pluimveehouder is, heeft inmiddels een brief met vragen gestuurd naar het BOG. Hij stelt daarin ter discussie of daadwerkelijk sprake is van vogelgriep en vraagt om laboratoriumresultaten waaruit dit moet blijken. Kanhai werpt ook de mogelijkheid op dat verkeerd gebruikt zaagsel een rol kan hebben gespeeld bij de kippensterfte. Zaagsel wordt in kippenhokken gebruikt als bodembedekking om de vloer droog en zo hygiënisch mogelijk te houden. Volgens hem moet daarom worden uitgesloten dat de sterfte een andere oorzaak heeft.

De PALU vreest dat zich een ernstige situatie in de pluimveesector kan ontwikkelen en roept de bevoegde instanties op actiever op te treden, meer duidelijkheid te verschaffen en verdere schade zoveel mogelijk te beperken. De partij pleit tevens voor dringend overleg met de pluimveehouders, waarbij volgens haar niet alleen mogelijke compensatie aan de orde moet komen.

Indien met voldoende zekerheid wordt vastgesteld dat de kippensterfte door het vogelgriepvirus is veroorzaakt, verwacht de PALU dat het BOG de samenleving snel en uitgebreid informeert over eventuele risico's voor de volksgezondheid en mogelijke misvattingen daarover wegneemt.

Documenten: