Minister Dirk Currie beantwoordt vragen.
De regering erkent dat de beloning van leerkrachten nog niet op het gewenste niveau ligt. Over aanpassing van de loonreeksen wordt met de onderwijsbonden gesproken, maar wanneer de verbeteringen worden doorgevoerd en hoeveel de leerkrachten erbij zullen krijgen, is nog niet duidelijk. Dat bleek donderdag tijdens de beantwoording van vragen in De Nationale Assemblée (DNA).

De kwestie werd opnieuw aan de orde gesteld door Assembleeleden die aandacht vroegen voor het tekort aan leerkrachten en de gevolgen van de huidige beloning voor de aantrekkelijkheid van het beroep. Volgens minister Dirk Currie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur is de regering zich ervan bewust dat de honorering van onderwijsgevenden verbetering behoeft.

Hij benadrukte dat de gesprekken hierover niet uitsluitend door zijn ministerie worden gevoerd. Ook het ministerie van Binnenlandse Zaken en het ministerie van Financiën en Planning zijn erbij betrokken. De minister verklaarde dat hij nog ongeveer een uur voordat hij naar DNA vertrok, samen met zijn collega van Binnenlandse Zaken overleg had gevoerd met de onderwijsbonden.

Financiële gevolgen

De bewindsman wees erop dat aanpassingen van de salarissen zorgvuldig moeten worden voorbereid. Volgens hem moet worden voorkomen dat hogere uitgaven ertoe leiden dat de wisselkoers niet stabiel kan worden gehouden. Daarom worden de financiële gevolgen van mogelijke aanpassingen met het ministerie van Financiën besproken. Een concrete ingangsdatum voor nieuwe loonreeksen of een voorstel voor de hoogte van de aanpassingen werd niet genoemd.

Assembleeleden benadrukten dat een betere beloning noodzakelijk is om het beroep aantrekkelijker te maken en te voorkomen dat leerkrachten het onderwijs verlaten. Ook werd gevraagd of de bestaande begroting voldoende ruimte biedt voor salarisaanpassingen of dat aanvullende middelen en mogelijk wetgeving nodig zijn.

Achterstallige gratificaties
Naast de loonreeksen kampt het ministerie met achterstanden in de administratieve afhandeling van betalingen aan leerkrachten. De minister maakte bekend dat de achterstallige gratificaties tot en met 2025 afzonderlijk in kaart zijn gebracht. Voor de betalingen over 2026 wordt eveneens een overzicht opgesteld. Samen met Binnenlandse Zaken wordt gewerkt aan het wegwerken van deze achterstanden.

Het ministerie wil bovendien een digitaal systeem invoeren dat drie maanden voordat een leerkracht recht krijgt op een gratificatie automatisch een melding geeft. Daarmee moet worden voorkomen dat aanvragen opnieuw langdurig blijven liggen. De minister koppelde een betere beloning ook aan het terugdringen van het lerarentekort. Volgens hem kan een aantrekkelijker salaris helpen om voormalige leerkrachten terug te halen naar het onderwijs en nieuwe kandidaten voor het beroep te interesseren.